Kort door de bocht

Stuur ons een bericht


We proberen binnen 2 werkdagen te reageren.
Verder gelden deze spelregels.
Annuleren
? Contact
23-01-2018

Hij sneed op zich een terecht punt aan. CNV-voorzitter Maurice Limmen hekelde onlangs in de landelijke media het feit dat werkgevers vakmensen uit het buitenland halen, terwijl in eigen land nog 1,2 miljoen mensen langs de kant staan. Toch nam hij die bocht wat mij betreft wat te makkelijk en te kort.

 

Natuurlijk. Nederland telt een groot aantal bijstandsgerechtigden, van wie een groot aantal ongetwijfeld prima in staat is om te werken. En jazeker, het is schrijnend dat bijvoorbeeld mensen boven de 50 jaar die hun baan verliezen, zo moeilijk opnieuw aan het werk komen. Dat trek ik mij aan. Dat zouden we ons allemaal moeten aantrekken. En daar moeten we met elkaar - overheid, werkgevers en werknemers - ook hoognodig iets aan doen. Daarover geen discussie.

 

Ten eerste

Waarover dan wel? Ten eerste: de suggestie dat deze mensen zo een-op-een zouden kunnen instromen in de sectoren waar de nood het hoogst is. Met de nodige bij- en omscholing zal dat uiteindelijk best voor een aantal kunnen gelden, maar laten we niet doen alsof het aanbod hier naadloos aansluit op de acute vraag die er in sectoren als bouw, horeca, industrie en ICT is; alsof iedereen in de bijstand morgen klaar is en staat te trappelen om fulltime aan de slag te gaan. Om deze groep weer aan het werk te helpen, is veel meer nodig. En dat weet meneer Limmen ook wel. Was het maar zo simpel als hij voorstelt.

 

"Was het maar zo simpel als hij voorstelt"

 

Ten tweede

Discussiepunt twee: de CNV-voorzitter eist een rem op de komst van arbeidskrachten naar Nederland. Dat is een behoorlijk holle frase. Grenzen dicht? Het kán niet eens. We hebben binnen de EU immers vrij verkeer van personen en goederen. En laten we ook heel eerlijk zijn: in bijvoorbeeld de land- en tuinbouw zouden veel bedrijven zonder buitenlandse arbeidskrachten de afgelopen jaren niet eens hebben kunnen bestaan. Daarbij kunnen we bedrijven die nú vacatures hebben, het niet verwijten dat zij elders gaan zoeken naar de vaklieden die in Nederland niet voorhanden zijn. Je zou als ondernemer wel gek zijn als je om die reden een grote nieuwe opdracht aan je neus voorbij zou laten gaan. Dat zal een ieder toch (moeten) begrijpen.

 

Ten derde

Discussiepunt drie: volgens Limmen moeten werkgevers niet “jammeren” nu zij geen vakmensen meer kunnen krijgen, want dat is immers hun “eigen schuld, dikke bult”. Want bijvoorbeeld in de bouw hebben ze gedurende de crisis immers duizenden mensen op straat gezet. En na verloop van tijd mochten die dan terugkomen als zzp’er. Ook op die bewering valt wel wat af te dingen. Enig idee van de vraaguitval tijdens de crisis? Van het aantal faillissementen in de bouw? Geloof me, geen ondernemer ontslaat mensen voor zijn plezier. En zoals ik al zo vaak heb gezegd: mkb-bedrijven werken het liefst zoveel mogelijk met vast personeel. Maar het werkgeverschap is in de loop der tijd zo onaantrekkelijk gemaakt en met risico’s overladen, dat je als mkb-ondernemer nog wel twee keer nadenkt om mensen een vast contract aan te bieden. En al helemaal na jaren van crisis en onzekerheid.

 

"Put your money where your mouth is"

 

Om de tafel

Ik eindig waarmee ik ook begon: hij sneed op zich een terecht punt aan. Dus, Maurice Limmen, put your money where your mouth is. Laten we komende tijd weer om de tafel gaan. Laten we - bonden, ondernemersorganisaties, kabinet - de juiste plannen maken om de mensen die nu nog langs de kant staan, een betere kans op werk te bieden. Samen en gericht. En laten we het leven van de mkb-werkgever nu eindelijk wat makkelijker maken, zodat hij ook weer vaste mensen durft aan te nemen, in wie hij ook kan investeren. Daar worden we allemaal beter van.

 

Michaël van Straalen
voorzitter MKB-Nederland