29 APR, 2026 • Europees nieuws

Brussel heeft plannen, de economie heeft haast

Het nieuws van deze week is niet mis. Uit de maandelijkse bedrijfsbarometer van S&P Global — de zogeheten inkoopmanagersindex — bleek donderdag dat de economische activiteit in de eurozone in april voor het eerst in vijftien maanden kromp. De twee grootste economieën, Duitsland en Frankrijk, lieten beide krimp zien. Tegelijkertijd stegen de prijzen die bedrijven aan hun klanten doorberekenen met het snelste tempo in ruim drie jaar. Minder orders, hogere kosten, krimpende marges: voor producerende bedrijven en toeleveranciers een pijnlijke combinatie.

Woensdag 30 april staan twee cruciale momenten op de agenda die meer duidelijkheid moeten geven. De ECB vergadert over de rente, en Eurostat publiceert dezelfde dag de eerste officiële bbp-raming over het eerste kwartaal van 2026. Economen verwachten dat de bank de rente voorlopig ongemoeid laat, simpelweg omdat niemand weet hoe lang de onzekerheid aanhoudt. De ECB-hoofdeconoom verwoordde het deze week onomwonden: “Until we have a better sense of how long this war will continue, it is very hard to judge.”

Die onzekerheid maakt de vraag des te urgenter: wat doet Brussel in de tussentijd? Vanaf de eerste dag van het nieuwe mandaat maakte de Europese Commissie concurrentievermogen tot haar topprioriteit met de Competitiveness Compass — het grote hervormingsprogramma gebaseerd op de analyse van oud-premier Draghi. Maar de uitvoering blijft achter. Op de EU-top deze week in Cyprus werd de zogeheten ‘One Europe, One Market’-routekaart goedgekeurd — een plan om de interne markt tegen eind 2027 écht één markt te maken, zodat bedrijven in alle 27 lidstaten onder dezelfde regels kunnen ondernemen, met minder grenzen en minder administratieve lasten. Maar ten opzichte van eerdere versies werd de tekst op meerdere punten afgezwakt: bindende toezeggingen werden omgezet in intenties, en deadlines voor sleutelwetgeving zoals de Digital Networks Act schuiven op naar eind 2027. Eindstand: van de aanbevelingen uit het Draghi-rapport is begin 2026 slechts 15% volledig omgezet.

Toch is er ook goed nieuws. Het vertrek van Viktor Orbán na zijn verkiezingsnederlaag verwijdert een structurele blokkade uit de EU-besluitvorming. Mede daardoor werden deze week zowel het €90 miljard steunpakket voor Oekraïne als het twintigste sanctiepakket tegen Rusland gedeblokkeerd. De nieuwe Hongaarse premier Magyar staat een pro-Europees kabinet voor, en dat is voor de slagkracht van de EU een wezenlijk verschil. Het laat zien dat Europa, als de politieke wil er is, wél snel kan handelen.

Voor Nederlandse werkgevers is de boodschap helder: de economische druk is reëel, en de Europese plannen komen te langzaam van de grond. Maar de politieke ruimte in Europa wordt stukje bij beetje groter — en dat is een begin.

economieeconomische ontwikkelingen