16 OKT, 2026 • Nieuws
Prioriteren infrastructuur belangrijke stap, maar extra geld blijft nodig
Met het prioriteringskader dat Minister Karremans (IenW) en Staatssecretaris Bertram (IenW) vandaag naar de Tweede Kamer sturen, worden binnen de beperkte middelen keuzes gemaakt voor de Nederlandse infrastructuur. Dat is nu een belangrijke stap, stellen gemeenten, provincies, vervoerregio’s, het bedrijfsleven, mobiliteitsaanbieders en logistieke partijen gezamenlijk. Tegelijkertijd blijft de financiële opgave groot. Er is nog steeds onvoldoende geld om alles te doen wat nodig is voor onderhoud, vervanging én nieuwe aanleg. Dit heeft maatschappelijke en economische gevolgen voor Nederland.
Op talloze punten in Nederland staan de spoorwegen, wegen en vaarwegen er slecht voor. Dagelijks wordt dit pijnlijk duidelijk. De Houtribdijk, de Merwedebrug, de Suurhoffbrug bedrijven en inwoners moeten kilometers omrijden. Haperende of uitblijvende infrastructuur wordt op steeds meer plekken een remmende factor in de economische groei, de woningbouwopgave en de bereikbaarheid in Nederland. Het Economische Instituut voor de Bouw (EIB) berekende tot 2035 ruim 20 miljard aan economische en maatschappelijke schade.
Uitval
Minister Karremans en Staatssecretaris Bertram zien de ernst van de zaak en zijn vandaag met een zogenoemde “prioriteringsbrief” gekomen. Daarbij hebben de bewindslieden opnieuw naar de opgave gekeken en op basis van vastgestelde criteria keuzes gemaakt. Zij geven daarin onderhoud, levensduurverlenging en vervanging prioriteit en een aantal belangrijke aanleg projecten voor woningbouw en regionale bereikbaarheid en de resterende opgaven blijven in zicht. Ook zijn er middelen voor de regio beschikbaar gekomen. Daarmee moet kans op ongeplande uitval gaan afnemen en de basisinfrastructuur op orde komen.
Tegelijkertijd kan prioritering alleen het onderliggende tekort aan middelen bij infrabeheerders niet oplossen. Zo wordt een deel van de infrastructuur niet vervangen, terwijl daar wel aanleiding toe is. Hierdoor blijven er zorgen over verdere uitval van infrastructuur met alle gevolgen voor onze economie.
Ook zien we dat door de tekorten aan middelen veel nieuwe aanleg niet meer mogelijk is. Dit terwijl die nieuwe aanleg van groot belang is om Nederland nationaal en internationaal bereikbaar te houden en nieuwe woningbouwlocaties te ontsluiten. Ten slotte zien we dat op de wat langere termijn tekorten blijven bestaan voor het hele palet van onderhoud tot vervanging en nieuwe aanleg.
Volgende stappen noodzakelijk
Met deze prioritering wordt nu een belangrijke eerste stap gezet in de richting waar de brede coalitie van bedrijven uit de mobiliteits- en logistieke sector, gemeentes, provincies en vervoersregio’s al langer om vraagt. Tegelijkertijd is dit niet voldoende. Het is noodzakelijk dat nu ook snel de volgende stappen worden gezet: structureel meer investeringen voor infrastructuur, een langjarig investeringsplan en draag zorg voor de daadwerkelijke uitvoering van de projecten. Wij roepen het kabinet op om, uiterlijk in het eerste kwartaal 2027, met deze brede alliantie in gesprek te gaan over het perspectief van onze infrastructuur op de korte én de lange termijn.
Namens: Mobiliteitsalliantie, Logistieke Alliantie, Interprovinciaal Overleg, Vereniging Nederlandse Gemeenten, Vervoerregio Amsterdam, VNO-NCW/ MKB-Nederland, Bouwend Nederland
